Energielandschappen Oost-Vlaanderen 2.0

Periode 01.10.2011 - 24.12.2014
Periode 2 15.10.2015 - 15.10.2018
Provincie Oost-Vlaanderen
Gemeente Eeklo, Maldegem, Kaprijke, Aalter, Nevele, Gent, Melle, Wetteren, St.-Lievens-Houtem, Erpe-Mere, Aalst, Geraardsbergen, Ninove
Aanvrager Provincie Oost-Vlaanderen
Subsidiebedrag 297.450 en 300.000 euro
Status Lopend

Situering en doelstellingen

Energielandschappen Oost-Vlaanderen is een thematisch project, waarvan het primaire werkingssgebied het volledige grondgebied van de provincie Oost-Vlaanderen beslaat. Het strategisch project is op te delen in twee periodes:

 

Oost-Vlaanderen Energielandschap 1.0

In 2014 liep het project 'Oost-Vlaanderen Energielandschap' ten einde. De focus van dit project lag op de realisatie van hernieuwbare energie in Oost-Vlaanderen. De optie om voor windenergie te kiezen was het gevolg van de ruimtelijke impact van windturbines in combinatie met een krimpend draagvlak. Tijdens dit project werden er 7 windparken afgebakend, goed voor een totaal van 68 windturbines. Tevens werd de aanzet gegeven voor de uitwerking van een beter draagvlak door middel van het principe van rechtstreekse participatie.

 

Oost-Vlaanderen Energielandschap 2.0

In 2015-2018 wordt er verder gewerkt aan de uitbouw van Oost-Vlaanderen als een energielandschap. Hiermee wil men de natuurlijke hulpbronnen uit het lokale landschap aanwenden en vraag en aanbod op elkaar afstemmen. Energieproductie wordt zo een nieuwe structurerende en essentiële functie in de ruimte. Een functie die in onze beperkte ruimte een volwaardige afweging vergt met de klassieke ruimtevragers.

 

Tegen 2030 worden duurzame energieprojecten (opwekking, opslag, besparing) uitgevoerd op een geïntegreerde manier. De realisatie van het hernieuwbare energiepotentieel gebeurt niet langer via individuele ad hoc projecten. Het potentieel wordt ontwikkeld in samenhang met energiebesparing, opslag en transport. Deze geïntegreerde ontwikkeling verloopt vanuit en in continue wisselwerking met de ruimtelijk, maatschappelijke en economische aspecten van een gebied en met alle stakeholders er bij betrokken. De uiteindelijke ontwikkeling haalt ook telkens een zekere comfortstandaard voor de diverse eindgebruikers. Bovendien kadert deze energetische ontwikkeling van gebieden in een totale klimaat omslag er van. Tegen 2030 worden alle duurzame energieprojecten zo uitgevoerd, en is Oost-Vlaanderen Energielandschap niet langer nodig.

Oost-Vlaanderen Energielandschap 2.0 wil samen met haar partners rond drie modules werken:

1. Verder werken rond windenergie. Overleg met alle actoren en brede communicatie blijven ook in de realisatiefase van de windparken broodnodig.

2. Gemeenten begeleiden naar energieneutraliteit vanuit bottom-up-initiatieven.

3. Oost-Vlaanderen Warmtelandschap: een nieuwe inhoudelijke focus. Warmteproductie, -verbruik en -transport vragen –net als wind– een projectmatige, ruimtelijke aansturing.

 

Resultaten

Oost-Vlaanderen Energielandschap 1.0

Het project Oost-Vlaanderen Energielandschap startte in 2011, met de focus op windenergie. De ontwikkeling van windturbines en windturbineparken in Vlaanderen kampte (en kampt gedeeltelijk nog steeds) met verschillende problemen, in het bijzonder op het vlak van concurrentie en op het vlak van draagvlakvorming.

 

Het project profileerde zich op het snijvlak tussen de burger, de projectontwikkeling en de overheid. Binnen zogenaamde windturbineconcentratiezones die door het provinciebestuur werden afgebakend in ruimtelijke planningsprocessen, werden overeenkomsten bereikt tussen de verschillende actieve ontwikkelaars.

 

Een model voor rechtstreekse participatie werd ingevoerd om de omgeving op directe wijze te betrekken in het beheer en de exploitatie van de windturbines en er werden stappen gezet voor een fonds dat tot doel heeft om de omgevingskwaliteit te verbeteren (AS3 – LEADER project 'Milde Meetjes') in samenhang met ruimtelijke planprocessen die door het provinciebestuur van Oost-Vlaanderen werden gevoerd.

 

Een wettelijk kader voor het principe van rechtstreekse participatie in windturbineprojecten ontbreekt tot op vandaag nog steeds.

 

Participatie wettelijk voorzien, maar ook ondersteunen, kan ook bepaalde middelen activeren, om effectief de ontwikkeling van hernieuwbare energie te financieren. Zonder decretale verankering kan rechtstreekse participatie niet verplicht worden. Vele ontwikkelaars passen nu hun eigen vorm van participatie toe –vooral in windturbineprojecten–, maar er is geen eenduidig systeem. De toegepaste modellen zijn bovendien gericht op financiële participatie en niet zozeer op betrokkenheid en gedeelde verantwoordelijkheid.

 

Oost-Vlaanderen Energielandschap 2.0

Eind 2015 is er een tweede subsidieperiode toegekend aan het strategisch project, namelijk Energielandschap 2.0. In het provinciale beleid is wind een speerpunt geworden. Denk aan de vele beleidsbeslissingen, personeelsleden en middelen die ter beschikking zijn gesteld. De provincie heeft zich geprofileerd en op de kaart gezet als regisseur van windprocessen op het terrein, en nam daarin een pilootpositie in. Oost-Vlaanderen Energielandschap blijft groeien. Het stelt zich tot doel om de realisatie van het volledige hernieuwbare energiepotentieel van de provincie te faciliteren: door knelpunten bij bestaande projecten weg te werken, door potenties te detecteren en actoren samen te brengen daarrond en door zelf projecten te initiëren.

 

Deelprojecten van het strategisch project Energielandschap 2.0 zijn onderverdeeld in drie thema's, namelijk wind, energieneutraal en warmte. Deelprojecten te maken met wind zijn vooral de windlandschappen Eeklo-Maldegem, E40 tussen Aalter en Aalst, Waasland, Zulte-Kruishoutem, site Ruien, energielandschap Denderland, enzovoort. Tegen 2050 wilt de provincie Oost-Vlaanderen klimaatneutraal zijn. In 2012 bleek uit de hernieuwbare energiescan dat windenergie één derde van het Oost-Vlaamse hernieuwbare energiepotentieel bedraagt, te vertalen in 300 grootschalige windturbines en dat volledig binnen de contouren van het huidige Oost-Vlaamse windbeleid. 

Het strategisch project Oost-Vlaanderen Energielandschap 2.0 focust verder op het uitrollen van het windbeleid, trajecten "energieneutraal" uitvoeren in Oost-Vlaamse gemeenten (complementair aan de opmaak van SECAP's), en het onderzoeken van de voorwaarden voor het ontwikkelen van warmtelandschappen. De invulling van het Oost-Vlaamse windpotentieel is dan ook een onderdeel van het klimaatactieplan: “Het aandeel windenergie vergroten”. Op vlak van energieneutraal wordt er begleiding en expertise aangeleverd aan het "Energielandschap denderland" en situeert zich vooral op vlak van een biomassa keter gevoed met lokaal landschapshout of eventueel resthout uit industriële processen. Oost-Vlaanderen Energielandschap neemt ook een actieve rol in de ontwikkeling van windturbines op het bedrijventerrein Zaubeek in Zulte en Kruishoutem. Voorbeelden van deelprojecten inzake het warmte-thema zijn de opmaak van een beleidskader warmte, het Interreg NSR project COBEN, het project Stére inzake houtige biomassa, het uitwerken van het Europees project "Energiemakelaar", enzovoort.

 

Na de periode van 2015-2018 wordt verwacht dat een verderzetting van het project noodzakelijk zal zijn. Zo hoopt men tegen 2020 samen met het einddoel van de lopende Europese energiedoelstellingen af te ronden.

Coördinator:
Moira Callens

Adres:

Oost-Vlaanderen Energielandschap
Woodrow Wilsonplein 2
9000 Gent

Tel: +32 92 67 75 95
GSM: +32 479 282 394

 



Mail:
Klik hier